Je winkelwagen is momenteel leeg!
Categorie: Artikelen
De nieuwe (re)generatie boeren
Op de zeven boerderijen van Lenteland werken niet alleen boeren, maar ook loopeenden, woelmuizen en schimmels aan een plek waar het bruist van het leven. Wie blijft slapen tussen het groen of een dagje de handen uit de mouwen steekt, ervaart volop verbinding – niet alleen met alles wat groeit en bloeit, maar ook met de jonge boeren, talentvolle chefs, kunstenaars en betrokken burgers die zich hier thuis voelen.
Op het erf van Lenteland-boerderij ’t Gagel in Lochem hangt de vlag van de Achterhoek. De verschillende kleuren groen symboliseren de
bossen, de weilanden en het coulisselandschap van de Gelderse streek. Ook ’t Gagel ligt er frisgroen bij. De velden tussen de donkergroene bomenrijen staan vol lila gekleurde pinksterbloemen. Nog maar een jaar geleden, toen de boerderij van start ging, zong het Lochems Mannenkoor hier een lied over regeneratie. In het Achterhoeks, uiteraard. In de korte tijd die sindsdien verstreek is de plek onherkenbaar veranderd. Overal bruist het van het leven.
Boerin Anne van Leeuwen is het bewijs dat niet alleen Achterhoekers in dit mooie landschap gedijen: ‘Ik groeide op in de Zaanstreek. Mijn vader was molenaar, mijn moeder biologiedocent. Op klompen en in overall speurde ik als kind naar vogels. Het liefst wilde ik kunstgeschiedenis én biologie studeren.’ Maar die combinatie bleek niet mogelijk. Anne realiseerde zich dat mensen altijd alles inverschillende hokjes willen stoppen, terwijl ruimte delen vaak een uitstekend idee is. ‘Al sinds de Griekse filosofen en daarna in onze joods-christelijke beschaving proberen we uit alle macht te bewijzen dat mensen anders zijn dan ander leven,’ zegt ze. ‘Wat we nodig hebben is een paradigmashift.’
Tijdens het opbouwen van het ARTIS Groote Museum, waar je als bezoeker de overeenkomsten tussen mensen en planten, andere dieren en microben ontdekt, realiseerde Anne zich hoeveel leven er verloren is gegaan op onze planeet. Gelukkig brachten twee ontwikkelingen hoop. ‘Via filmmaker en ecoloog John D. Liu leerde ik hoe het leven terugkeerde naar het lössplateau in het noorden van China,’ vertelt Anne. ‘Dertig jaar geleden was dit een dorre woestijn. Maar de vegetatie is er hersteld. Nu zijn de terrassen weelderig groen en zijn de boeren terug
gekeerd. Planten, dieren, mensen, microben – iedereen wint!’En dan was er nog de man die in ARTIS verliefd naar de kikkers keek. Of die liefde wederzijds was, dat is lastig te peilen, maar tussen Anne en bioloog Ricardo Cano Mateo sprong de vonk wel degelijk over. Ricardo verruilde Spanje voor ons koude kikkerlandje en startte samen
met Anne boerderij Bodemzicht in Malden. Juist als boer kun je er immers voor zorgen dat leven terugkeert op een plek, zo is de overtuiging van het stel. Een overtuiging waarin ze niet alleen staan: toen de kans zich voordeed om boerderij ’t Gagel nieuw leven in te blazen, besloten
Ricardo en Anne, samen met nieuwe compagnons Roos Burger en Daan Houwers, naar de Achterhoek te verkassen.Regeneratief boeren
Zeven boerderijen telt Lenteland inmiddels, met recente nieuwe aanwinsten in Kaatsheuvel en Tilburg. De stichting vindt dat de productie van voedsel niet in strijd hoort te zijn met de natuur en ontwikkelt regeneratieve boerderijen die eerlijk zijn voor boeren, gezond voor consumenten en goed voor de natuur. Meer nog dan biologische landbouw, want waar deze tak kunstmest en pesticiden vermijdt en strikte
regels volgt, houdt regeneratieve landbouw rekening met het volledige ecosysteem. Maar hoe word je regeneratieve boer? ‘Dat leer je niet op de landbouwschool,’ stelt Anne terwijl ze met ons door de piepjonge boomgaard wandelt. ‘Je leert het van regeneratieve boer op regeneratieve boer. En het is plaatsgebonden. Je moet samenwerken met alle levensvormen op een specifieke plek, en dat hebben we
nooit geleerd. Dat schimmels betere boeren zijn dan mensen, dat wil ook niet iedereen horen. Het vereist een ander wereldbeeld.’Maar de gemeenschap van gelijkgezinden groeit. Lenteland bouwt er volop aan, niet alleen met boerderijwinkels en door groentepakketten aan omwonenden en restaurants te leveren, maar ook door regeneratieve cursussen en opleidingen te verzorgen. Als reiziger kun je een bijdrage leveren door op een Lenteland-boerderij te blijven slapen of door deel te nemen aan een van de activiteiten, zoals een velddiner of wildplukwandeling. Om de regeneratieve gemeenschap uit te breiden is Anne ook betrokken bij de European Alliance of Regenerative Agriculture. ‘Dat zijn zo’n zeventig totaal verschillende boerderijen verspreid over heel Europa, van een Italiaanse tuinder pal naast de stad, die zijn producten eenvoudig kan verkopen, tot schapenhoeders in de Schotse Hooglanden en Iberische varkensboeren die hun dieren naar eikels laten scharrelen.’ Een akkerbouwer zal er op een andere manier voor zorgen dat de bodem gezonder wordt en daardoor meer CO2 bindt dan iemand die vee houdt, en heeft dus op een andere manier invloed op een ecosysteem. ‘Maar qua wereldbeeld en visie zit iedereen op één lijn: werken aan meer leven op de plek waar je boert. En toekomstbestendig boeren op een manier die bij jouw plek past.’ ‘Een regeneratieve boer is een relatiemanager,’ vervolgt Anne, nadat een bonte vliegenvanger haar kortstondig afleidt. De klompen die ze als kind droeg zijn ingeruildvoor stoere laarzen, maar de liefde voor vogels is gebleven.
‘Kruipen er veel slakken? Dan heb je geen slakkenprobleem, maar een eendentekort. Want loopeenden zijn verzot op naaktslakken.’ Maar hoe onderhandel je met de woelmuizen die op de wortels in je steeds gezondere bodem afkomen? Anne laat een aanstekelijke lach horen. ‘Voor dieren kun je allerlei gevoelens hebben, van pure haat tot blinde liefde en alles ertussenin. Woelmuizen knagen aan de wortels van mijn planten, dat is vervelend. Maar ze hebben ook de bodemverdichting in een veld voor me opgelost doorluchtgangen te graven, zonder dat wij hoeven te ploegen, gratis en voor niks. Inmiddels zien we steeds meer uilen en torenvalken, die houden het systeem in balans.’ En onkruid
wieden? ‘Dat is symptoombestrijding,’ zegt Anne resoluut. ‘Wat wij onkruid noemen, dat zijn pionierssoorten. Die verdwijnen vanzelf wanneer de bodem gezonder wordt dankzij een uitgebreid ondergronds schimmelnetwerk.”Amfibieënsafari
Of de aanpak van ’t Gagel werkt? Daarvoor hoeven we Anne niet op haar woord te geloven. We kunnen het gewoon proeven. Anne plukt bloemetjes van zwarte bessen voor ons, geurende appelmunt en bladmosterd die onze tong doet tintelen. In de kas groeien tal van tomatenrassen die je in de supermarkt niet zult aantreffen. Inmiddels heeft boerin Roos een hele maaltijd voor ons bereid: spitskool van het vuur met misoboter, ingemaakte rode wortelen en tempura van brandnetelbladeren. We drinken er berkensap en oranje wijn van spontane gisting bij. Naast de boeren en vrijwilligers schuiven ook enkele vaste campinggasten aan – de banken zitten al snel vol.
Maar boeren zijn topsporters: dankzij een ferme boomstam waarmee Roos komt aanlopen is er voldoende zitplek voor iedereen. Na de cheesecake met rabarbercompote en vers geplukte bloemetjes volgt het echte toetje: een amfibieënsafari met boer Ricardo. ‘Vanaf mijn zevende, net na mijn dinosaurusfase, wil ik al kikkerprofessor worden,’ vertelt hij. ‘Maar ook al begrijpen we steeds beter waarom het
slecht gaat met amfibieën, toch blijven de populaties afnemen. Het beste wat wetenschappers kunnen bedenken is de mens uit het systeem halen en een hek om een natuurgebied plaatsen. Maar de notie dat je als mens inherent slecht bent, een zelfopgelegd schuldcomplex, dat gaat de wereld niet beter maken.’ In zijn ene hand heeft Ricardo een schepnetje, in de andere een krachtige zaklamp waarmee hij in de Veengoot
schijnt, de sloot die dwars over het land van de boerderij stroomt. Na een jaar op ’t Gagel spreekt Ricardo al aardig wat woorden Nederlands. ‘Look, kikkervisjes!’ wijst hij in het water. Ricardo is de architect achter dit landschap dat iedereen voedt. Niet alleen mensen, maar ook kikkers en de ransuil die we horen roepen. Het voedselbos, de fruitgaard, de boomkwekerij, de akkers en het moerasgebied langs de
Veengoot dat hij uittekende – langzaam maar zeker krijgt het steeds meer vorm. ‘Ik kan me geen beroep voorstellen waarbij ik meer invloed heb op de wereld om me heen dan als boer,’ concludeert Ricardo bij de poel die meer ademruimte en waterplanten kreeg en inmiddels vol kleine watersalamanders en waterkevers zit. Kikkerprofessor is hij nooit geworden, maar een kikkerheld is hij wel.Vrolijke varkens
Ricardo is de enige boer op ’t Gagel die uitslaapt, maar wij zijn vroeg uit de veren en rijden naar Empe, een half uur verderop in Gelderland. Daar bezoeken we Erve Kiekebos. Er lopen heel wat dieren rond op deze Lenteland-boerderij: grote kippen en een parmantige haan, twee Hongaarse wol varkens die vrolijk aan komen draven en een kudde koeien. Vroeger graasden er overal in Europa grote kuddes bizons,
die door toppredatoren in beweging werden gehouden. Grassen werden intensief begraasd en kregen daarna lange tijd rust. Tegenwoordig blijven koeien vaak in dezelfde wei en kan het gras zich niet herstellen. Het natuurlijke ritme is zoek.Op Erve Kiekebos bootsen de Lakenvelders de bizonkuddes van weleer na. ‘Hoe lang ze ergens staan, dat hangt van de plek af,’ vertelt boer Jaap Fris. ‘Groeit er bijvoorbeeld veel witbol of zachte dravik, dan laten we de koeien wat langer staan, zodat ze deze planten opeten. Op die manier krijgen kruiden meer kans om op te komen.’ Het is moeilijk voor te stellen dat dit kort geleden nog uniform Engels raaigras was. In de opgedroogde koeienflatsen wemelt het vanhet insectenleven. ‘Zelfs de provinciale gedeputeerde van de BBB die Erve Kiekebos bezocht was onder de indruk en merkte op hoeveel leven er op onze boerderij is,’ lacht Jaap.
Nu Jaap en collega Niels Moshagen drie jaar bezig zijn op Erve Kiekebos zien steeds meer mensen uit de omgeving hen – toch zij-instromers die het vak pas op latere leeftijd kozen – als ‘echte’ boeren. Daaronder zijn zelfs oude melkveeboeren. ‘Die waren voorheen wat knorrig, maar ze zien dat we er nog steeds zijn, dat we het serieus aanpakken’ zegt Jaap. ‘Werken met koeien vind ik ook het mooiste wat er is. Als je een slechte dag hebt, dan zorgen koeien er wel voor dat het weer goed komt.’ Al doet de verbinding die hij ervaart hem ook goed: ‘Hooien, dat doe je samen met de buurt, met z’n allen. Want al heb je andere overtuigingen, je werkt toch samen. En na afloop drink je samen een biertje.
Schrijver Joost Smets
Fotograaf Björn SneldersDit is waarom je wil kamperen bij regeneratieve boerderij ’t Gagel in de Achterhoek
Waar voorheen een kilometerlang tapijt van kort gemaaid raaigras lag, waaien de paarse pluimen nu in de wind. “Sommige mensen vinden het er rommelig uitzien,” lacht Anne van Leeuwen, “Maar een paar weken geleden kwamen ze wel kijken omdat er weer pinksterbloemen in de wei groeiden.”
Samen met Roos Burger, Daan Houwers en Ricardo Cano Mateo runt ze sinds 2024 de regeneratieve Lenteland-boerderij ’t Gagel in de Achterhoek met als doel de bodem en het ecosysteem te herstellen en tegelijkertijd te laten zien dat je ook op grote schaal (45 hectare) een regeneratieve boerderij kunt runnen met een gezond bedrijfsmodel.
Kamperen bij regeneratieve boerderij ‘t Gagel
De bijtjes zoemen in grote getalen rond de bloemen die overal de grond uit schieten. Het is wekenlang kurkdroog geweest, maar nu pakken de wolken zich voor de eerste keer samen en kijken de regeneratieve boeren verlangend uit naar de regen die voorspeld is en die de dorstige planten hard nodig hebben.
Voor ons kampeerders is het een net iets ongelukkiger timing, want met deze regen komt ook een gemeen koude nacht en dus liggen we met twee kruiken onder dubbele dekens in ons bed in de sfeervol ingerichte Bell tent te hopen dat we ’s nachts niet naar de wc hoeven. Al heeft het ook iets knus, want als de eerste bui ‘s avonds tijdens het velddiner naar beneden komt, schuilen we met z’n allen in de dichtstbijzijnde Bell tent, vlakbij het vuur en genieten we van het tikkende geluid op het tentdoek.
Het velddiner is gemaakt door Roos met ingrediënten uit eigen tuin en planten die we tijdens een rondje wildplukken rondom de regeneratieve boerderij met haar verzameld hebben. Hondsdraf, kattenkruid, luzerne, dropplant, viooltjes, kaaskruid: het gaat allemaal mee in de bolderkar richting de moderne keuken die het viertal in een van de schuren heeft gebouwd.
De regeneratieve boerderij
De taken op de regeneratieve boerderij zijn helder verdeeld: Roos – die de boerderijwinkel en de camping runt – verwelkomt de gasten en kookt het velddiner en de volgende ochtend maakt ze het ontbijt. De klanten die vrijdag en zaterdag in de boerderijwinkel komen kennen haar allemaal, maken een praatje en vragen tips voor het bereiden van de recepten die ze meegeeft met het groentepakket. Dat groentepakket is trouwens niet een traditioneel verrassingspakket: de abonnees kunnen het zelf samenstellen met behulp van een puntensysteem.
Anne leidt ons rond op de boerderij. Vijf jaar geleden begon zij met haar partner Ricardo de regeneratieve boerderij Bodemzicht in Malden, vlakbij Nijmegen. Maar dat stuk land bleek te klein voor hun ambities. Dus toen ’t Gagel bij Lochem voorbijkwam met 45 hectare grond, was de beslissing snel gemaakt. Ze sloegen de handen ineen met Roos en bomenexpert Daan, die eerder al bij Bodemzicht had gewerkt.
Een boerderij voor 7 generaties
’t Gagel werd honderden jaren -van generatie op generatie- door dezelfde familie bestierd, dus toen Lenteland als potentiële koper aan de deur klopte met als doel het land voor de komende 7 generaties ook als boerderij te behouden, gingen de eigenaren om. Al is de benadering van het boerenleven wel heel anders. “Soms komen ze hoofdschuddend kijken naar de ‘rommel’ die in de plaats is gekomen van het mooi strak gemaaide raaigras,” lacht Anne. “Maar ze zijn ook geïnteresseerd in hoe wij het aanpakken.”
Raaigras wordt ook wel de groene woestijn genoemd: het lijkt puur natuur want groen, maar er groeit niks dat als voedsel kan dienen voor insecten. En zonder insecten, zo weten we, is er geen bestuiving van gewassen. Onze landbouw is voor driekwart afhankelijk van die bestuiving. Maar de afname van insecten heeft ook gevolgen voor de vogelpopulatie, die insecten eten.
Herstellen van het ecosysteem
Het idee van een regeneratieve boerderij is dat je het ecosysteem herstelt. Zolang dat niet in balans is zul je last hebben van tekorten aan de ene kant en plagen aan de andere kant. “Je kan die plagen natuurlijk aanpakken door iets weg te nemen met behulp van pesticiden bijvoorbeeld,” legt Anne uit. “Maar wij pakken het anders aan: wij voegen juist iets toe.”
Zo lieten ze de woelmuizen hun gang gaan, omdat zij de bodem omploegen zonder dat de mens daar ook maar een minuut werk aan heeft. Maar ook de regeneratieve boeren willen niet dat het uit de hand loopt en dat de woelmuizen een plaag worden. “Dus dan nodig je de uilen uit door nestkasten op te hangen en palen in de grond te slaan waar ze op kunnen zitten en waar vandaan ze makkelijk kunnen jagen.”
Inmiddels is er ook een havik gesignaleerd die regelmatig over de regeneratieve boerderij cirkelt. “Een goed teken natuurlijk, maar we willen niet dat de havik onze kippen grijpt.” En dus trainen ze kraaien om de kippen te waarschuwen voor de havik in ruil voor afgekeurde eieren. “Kraaien zijn heel goed te trainen en ze helpen ook bij het wegjagen van de spreeuwen die hier in de zomer kersen komen eten.”
Kippen, loopeenden, katten en een hond
De kippen kunnen zo’n 20 jaar worden. Op een ‘normale’ boerderij halen ze die leeftijd bij lange na niet, maar hier lopen ze rond (en bemesten zo het land) tot ze een natuurlijke dood sterven. Als er eentje is overleden, leggen ze de kip aan de rand van het land voor de roofdieren. “In het begin kwam daar geen enkel dier op af, maar tegenwoordig wel. Dat betekent dus dat de natuur zich al aan het herstellen is.”
Tussen de kippen en loopeenden (die de slakken opeten), lopen een hond en verschillende katten over het erf. “Mijn kat kwam nooit buiten,” vertelt Daan terwijl hij zijn kat van de eettafel trekt. “Ik woonde in Arnhem in een appartement, dus dat kon niet.” Maar sinds ze op de regeneratieve boerderij wonen, is de kat helemaal in z’n element. Net als zijn baasje, die uren kan vertellen over het kweken van bomen zónder dat daar rotzooi aan te pas komt. In februari zijn er 800 bomen en planten de grond in gegaan op ’t Gagel.
Samen met Ricardo heeft hij net twee dagen binnen gezeten om de planning van zaaien en oogsten rond te maken in eindeloze Excelsheets. Iets wat voor Ricardo heerlijk is, want hij heeft hooikoorts en blijft deze dagen dus liever binnen.
De volgende ochtend, na het ontbijt, komen de vrijwilligers -net als wij- helpen in de tuin. Er worden draadjes gespannen, zaailingen in de grond gezet en er wordt geoogst. Zo zoeken we zorgvuldig naar de eerste rijpe aardbeien die als warme broodjes over de toonbank gaan van de boerderijwinkel. Ook wij nemen een bakje mee naar huis.
De boerderijcamping
Boerderij ’t Gagel heeft een camping met sfeervol ingerichte Bell tenten (inclusief bed, beddengoed en warmwaterkruiken), maar je kan er ook je eigen tent of camper neerzetten. Een velddiner inclusief wijnarrangement is mogelijk vanaf 8 mensen. In het hoogseizoen kan je in het weekend een afhaalmaaltijd en ontbijt reserveren. Roos maakt op verzoek ook picknickmanden voor als je in de prachtige omgeving van de boerderij een wandeling wil maken. De boerderijwinkel met lokale en biologische producten en verse groente, fruit en eieren, is vrijdag en zaterdag geopend. Je kan ook zelf aan de slag op de boerderij door samen met de vrijwilligers te helpen met planten en oogsten en ondertussen alles te leren over de boerderij en regeneratieve boerenleven.
Kamperen op ’t Gagel
Boerderij ’t Gagel heeft een camping met sfeervol ingerichte Bell tenten (inclusief bed, beddengoed en warmwaterkruiken), maar je kan er ook je eigen tent of camper neerzetten. Een velddiner inclusief wijnarrangement is mogelijk vanaf 8 mensen. In het hoogseizoen kan je in het weekend een afhaalmaaltijd en ontbijt reserveren. Roos maakt op verzoek ook picknickmanden voor als je in de prachtige omgeving van de boerderij een wandeling wil maken. De boerderijwinkel met lokale en biologische producten en verse groente, fruit en eieren, is vrijdag en zaterdag geopend. Je kan ook zelf aan de slag op de boerderij door samen met de vrijwilligers te helpen met planten en oogsten en ondertussen alles te leren over de boerderij en regeneratieve boerenleven.
Tekst: Wieke Potjer
Beeld: Björn Snelders